Categorie: Cases (pagina 2 van 9)

Oh wat fijn om een bakker te zijn

Ergens aan een lange tafel in een hip reclamebureau met uitzicht op de Amsterdamse haven moesten we onszelf introduceren. Ik was daar voor de jaarlijkse reclameprijs waar ik een verhaaltje over maakte. Het waren allemaal reclame- of marketingmensen dus zeven keer hoorde je iets als: ik ben Mark, creatief bij bureau XYZ en werkt voor Adidas en Lidl. Of: mijn naam is Kim en ik doe de marketing bij Bolletje. Niks mis mee natuurlijk, maar na een tijdje begin je dan een beetje op je telefoon te kijken. 

Totdat de aardige gast die ik nog kende van een jaar eerder opeens zei: ik ben Niels (die naam heb ik even bedacht) en ik ga een bakkerij beginnen. Plotseling was iedereen bij de les. Ze hadden veel vragen: hij werkte immers als creatief bij een groot reclamebureau, een droombaan voor veel mensen, en ging opeens iets heel anders doen. Het verhaal was overzichtelijk mooi…..Hij wilde altijd al bakker worden, kocht een bakkerij in een dorp en ging de lekkerste croissantjes van het dorp maken zonder veel toegevoegde rommel die ze er bij de supermarkten instoppen. Hij zou zijn nieuwe baan combineren met creatieve sessies want hij wilde zijn oude vak nog niet helemaal opgeven, maar dat moest hij nog een beetje uitwerken. Zijn vrouw zou in de winkel staan en hij ging bakken.

Groenrode draad
Het was helemaal niet de tijd en de plaats ervoor en die gast is slim en creatief genoeg om het zelf te bedenken, maar zou hij nog iets aan mijn boek hebben? Dat hij op een avond samen met zijn vrouw de groenrode draad van zijn bedrijf op een bierviltje zet? Ik kan me best voorstellen dat hij mensen uit het bedrijfsleven iets gaat leren over creativiteit. Dat ze bijvoorbeeld in de ochtend een eigen brood bakken op basis van wat ingrediënten en ’s middags een nieuw product bedenken voor het bedrijf waar ze werken of voor zichzelf. Hij zou duidelijk moeten omschrijven welk kennishiaat hij gaat oplossen, wat content maken over praktische creativiteit, daarmee een publiek opbouwen en concrete producten ontwikkelen in de categorie ‘bak een nieuw product’, ‘Managers, bakken maar’, ‘Heel het bedrijfsleven Bakt’.

Ik zag het wel voor me. Zijn verhalen op YouTube waarbij hij in zijn bakkerskleren uitlegt hoe creativiteit precies werkt. Dat je wel wat uitgangspunten moet hebben, maar dat de beste ideeën juist komen tijdens het wandelen, fietsen of brood bakken. Maar ook dat je soms in het leven niet te moeilijk moet denken. Dat je gewon een brood moet bakken als een soort Zen. Dat hij vertelt op welke manier hij de leukste campagnes bedacht en dat iedereen dat in principe kan. In de bakkerij, zo vertelde hij, was ook een ruimte waar ze aan de aan de slag konden met een klein groepje. De  juiste spullen, wat instructies hoe je iets bakt en dat je uitwerking de creatie is. Ook een goede tip: maak het niet zo ingewikkeld dat niemand het snapt.

Contentplan
In die wekelijkse video’s vertelt hij, in zijn bakkerskleren natuurlijk (Ilja Gort is ook een reclameman) over het bedenken van een concreet idee. In de nieuwsbrief gaat hij er nog wat dieper op in en kondigt hij de video’s aan. Zo bouwt hij een uitgebreid publiek op van mensen die in potentie zijn workshops zouden volgen. Met de croissantjes verdient hij een mooi inkomen en de workshops zijn extra zodat hij kan investeren. Van Pulizzi weet je dat het zeker een maand of 24 duurt voordat je daar een beetje inkomen uithaalt. Je moet gewoon de content perfectioneren, bouwen aan de lijst en de workshops steeds iets beter maken. 

Zou ik hem dat boekje sturen? Natuurlijk niet, waar bemoei ik me eigenlijk mee? Die gast heeft campagnes bedacht voor de grootste merken van Nederland. Hij zal dit zelf toch allemaal wel bedenken?  

De kunstenaar en het bierviltje

In de trein richting Breda verdiep ik me in het leven van Toon van Driel, de tekenaar van FC Knudde die te gast is in onze podcast FC Mediacircus.  Ik lees dat hij ergens in de jaren zeventig de rechten verkocht van FC Knudde aan een uitgever die hem in ruil daarvoor een stabiel inkomen betaalde. Pas na een jaar of 25 en veel gedoe kreeg hij de rechten terug.

Quasi-stabiliteit
Het is de klassieke worsteling van de kunstenaar versus de zakelijke wereld. Creatieve mensen verlangen nog wel eens naar de quasi-stabiliteit van mensen met normale banen. Ze zien hoe ‘de anderen’ grote huizen kopen, vakanties naar verre buitenlanden boeken en een ogenschijnlijk relaxed leven leiden. De ruil die artiesten vaak maken met uitgevers en managers is dat zij werk doen dat de kunstenaars zelf niet beheersen; interviews regelen, spullen verkopen, afspraken maken. Doordat tekenaars en andere artiesten willen focussen op hun werk overschatten ze dat andere werk wat eigenlijk allemaal best meevalt, het is gewoon regelwerk in de categorie ‘kinderen naar school brengen’ en ‘lidmaatschap van de tennis’ betalen. Niet te vergelijken met mensen laten lachen of op andere gedachtes brengen.


Als makers morgen een deal maken met een klassieke uitgever dan zal van de 20 euro die het boek kost zeker 16 euro naar anderen gaan. De boekhandel krijgt 8 euro voor het reserveren van een tafeltje, de uitgever 8 euro voor het tevergeefs bellen van Jinek. Dat is zo geregeld omdat….het nu eenmaal zo geregeld is. Het heeft niets met de werkelijke verhoudingen te maken, maar vooral met de angst van artiesten voor alles wat ze afkopen met die 16 euro; dingetjes regelen. En het is vaak nergens voor nodig. Natuurlijk hebben uitgevers en managers een belangrijke functie; ze bewaken de kwaliteit, zorgen voor de distributie en regelen veel dingen, maar ze vragen daar wel teveel geld voor. Vaak. Dat komt doordat ze – zo ging dat vroeger – een poortwachterfunctie hebben; ze bemiddelen tussen artiest en publiek. Dat laatste is gelukkig steeds minder vaak nodig en daarmee zouden ook de kosten omlaag kunnen. 


Het is altijd verstandig om direct contact te hebben met je publiek. Dat je de regie voert over wat je maakt en hoe dat jouw publiek bereikt. Natuurlijk kun je best een manager, uitgever of websitebouwer inschakelen, maar jij blijft altijd eigenaar van wat je maakt dus je betaalt hen gewoon een uurtarief. Zo’n soort verhaal heb ik wel eens eerder verteld in een blog en een bekende comedian zei tegen me: dat is precies waar ik mee bezig ben. Hij was druk met het maken van podcasts om een publiek op te bouwen en wilde ook meer regie over zijn voorstellingen. Niet langer wilde hij afhankelijk zijn van mensen die de baas zijn van talkshowtafels. Jouw fans zijn van jou en niet ook een beetje van RTL, Netflix, Meta of uitgevers aan de gracht.

Komt ie weer met zijn bierviltje
Hoe je dat doet? Gewoon op het bierviltje zetten wat je de mensen komt brengen, een manier bedenken om een publiek op te bouwen in combinatie met een nieuwsbrief en dan een verdienmodel optuigen. Dus, beste gezellige Toon als je dit leest; wandel naar je lokale kroeg, pak daar een bierviltje en schrijf op:
Groenrode draad: mensen aan het lachen maken
Medium: Nieuwsbrieven, een website en een YouTube kanaal met leuke strips en video’s
Businessmodel: Kalenders, boeken, pretparken.

Leren van de maffia als freelancer

Op een dag zei ik tegen een trouwe opdrachtgever die ik dus al een tijdje ken: ik wil een boek schrijven over contentmarketing, maar dat kost een beetje geld. Nadat ik het bedrag noemde, dacht hij heel even na en zei: dat is prima, maar dan moet jij iets voor mij regelen.

Maffia
Voor Managementboek sprak ik onlangs Jan-Joost Kroon die een boek schreef over de leerzame elementen in de maffia. Een van de elementen die hij noemde was het gebrek aan transparantie. In de maffia krijg je een duidelijke opdracht met een einddoel en een deadline en verder is het niet nodig om je overal mee te bemoeien. Mensen doen waar ze goed in zijn, daarvoor zijn ze aangenomen, maar verder bemoeien ze zich nergens mee. Dat is in het normale bedrijfsleven wel anders, vertelde Kroon die werkzaam is als consultant en al zijn hele leven fan is van alles wat met de maffia te maken heeft. Daar bemoeit iedereen zich altijd met zaken waar ze helemaal geen verstand van hebben en juist dan ontstaat er gedoe.

Ik denk wel dat die opdrachtgever dat een leuk boek zou vinden. Hij zegt regelmatig tegen me: Bas, als jij gewoon doet waar je goed in bent en ik ook dan komt het goed. Bedenk en schrijf goede verhalen en dan doen wij de rest. Het gaat te ver om bij een criminele organisatie te werken, maar zo’n basis van samenwerken heb ik altijd prettig gevonden (en je ziet het te weinig in de journalistiek waar veel controledwang is). Als freelancer heb je vaak opdrachtgevers die zich met veel willen bemoeien; meedenken over het idee, sparren over de bronnen die je gebruikt en achteraf krijg je allerlei eindredacteuren op je dak die ook nog van alles van je vinden. Leuk als je net begonnen bent, maar met een beetje ervaring is dat vervelend want wij freelancers willen gewoon geld verdienen met wat wij goed kunnen (en niet teveel gezeik).

Eerlijk gezegd heb ik geleerd om snel afscheid te nemen van soortgelijke opdrachtgevers. Ze zitten vaak bij de zogenaamde prestigieuze titels die hen – vaak onterecht – status geven. Ondertussen proberen ze hun eigen onzekerheid te maskeren door zich overal mee te bemoeien. Ze willen immers uitstralen naar hun hoofdredacteur of uitgever; kijk mij hier eens even boven de partijen staan en de boel virtuoos aansturen.

Een goede opdrachtgever doet dat echter niet. Die heeft vertrouwen in het vakmanschap van de maker en laat de inhoudelijke keuzes aan hem of haar. Hij of zij creëert duidelijkheid: formuleert een overzichtelijke opdracht en een einddoel. Inderdaad, alsof je naar een goede kapper gaat en zegt hoe je het wilt hebben. Of die kapper dan een kleine rituele dans doet voordat hij de schaar erin jenst, maar niks uit.

Zo doen volwassen mensen dat Henk

Sparta-trainer Henk Fraser, waar wij bij FC Mediacircus groot fan van zijn, vergeleek het AD-verhaal van journalist Yelle Tieleman met een juicekanaal. Het verhaal gaat over een stuk of 25 voetballers die betrokken zijn bij een illegale goksite. Voetballers investeerden veel geld bij een goksite van een Haagse crimineel die zijn geld heeft verdiend in het drugscircuit.

Wij waren benieuwd waar dat wegzetten van journalisten – Ajax-coach Ten Hag deed het ook na de journalistieke onthullingen rond Quincy Promes – in de hoek van de fakenewsmakers vandaan komt. Ik bedoel, Yelle is een gerespecteerd onderzoeksjournalist die overal in het criminele circuit bronnen heeft waardoor hij regelmatig met goede verhalen komt. Het is een jongen die zijn vak beheerst, net zoals Ten Hag, Fraser én Van Gaal dat doen.

Gevaarlijke ontwikkeling
Wij spraken Tieleman voor FC Mediacircus en hij vindt dat wegzetten door Fraser zelfs een gevaarlijke ontwikkeling. Het past een beetje bij de strategie van figuren als Willem Engel, Donald Trump, Robert Jensen en Baudet. Zij framen journalisten van de zogenoemde MSM vaak als totale idioten. Baudet en consorten doen dat niet omdat ze dat ook echt vinden, maar als strategie om hun achterban te plezieren. Fraser en Ten Hag zijn slimme mensen die natuurlijk niet echt vinden dat journalisten idioten zijn (toch?). Zij zeggen dat ‘als een strategie’ dus ze roepen iets om hun eigen spelersgroep te beschermen zonder dat er hiervoor een echte basis is. Ze denken ermee weg te komen omdat het wegzetten van journalisten bij bepaalde groepen stoer is, maar supporters zijn niet gek natuurlijk. Die weten heus wel het verschil tussen een goede journalist en iemand die roddels verspreidt omdat het kan.

Beetje normaal doen
Wat zouden journalisten moeten doen om ervoor te zorgen dat die trainers weer een beetje normaal doen in de media? Zodat trainers voortaan gewoon iets normaals zeggen als; met illegale gokbedrijven willen we niks te maken hebben bij de club, maar laten we even het oordeel van Justitie afwachten. Dat ze zich – kortom – weer een beetje volwassen gaan gedragen in plaats van als een kind van negen.
Moeten wij journalisten er wat harder in gaan? Niet alleen vraagjes stellen over 442 en 15zoveel, maar zeggen dat iemand als John van den Brom een foute proleet is als hij aan de slag gaat in een land waar vrouwen net aan mogen autorijden en homo’s – gewoon omdat het kan – in de gevangenis belanden of erger. Moeten we zeggen dat trainers die naar zo’n land gaan foute oppertokkies zijn (omdat ze ook gewoon gymles kunnen geven aan het VMBO als ze zo van hun vak houden)? Dat ze best eens een simpel sheetje kunnen lezen voordat ze de zakken met geld gaan ophalen.

Juist niet
Juist niet natuurlijk, zou Diederik Ebbinge zeggen. Je moet doen wat verstandige mensen doen en het gesprek aangaan. Wij moeten op Fraser afstappen en zeggen: ,,Dit is Yelle en hij is journalist. Dat is gewoon een vak waar je een HBO-opleiding voor moet volgen om daarna via stages steeds een stapje hogerop te komen net zoals in de voetbalwereld. Yelle heeft een hoofdredacteur die in de gaten houdt of hij zijn vak goed uitoefent en er is een redactiestatuut waarin staat aan welke regels hij zich moet houden. Ook is er een de Raad voor de Journalistiek waar je eventueel kan klagen als een verhaal niet goed onderbouwd is. Hij werkt in de misdaadjournalistiek en dat betekent dat hij zaken openbaart die anders verborgen blijven.

Het is gewoon een slimme gast die goed is in zijn werk. Net zoals jij, Henk.”

Zo doen volwassen mensen dat.     

De ontdekking van Goldband

Hoe zorg je ervoor dat mensen jou leren kennen als maker en ondernemer? Dan zul je een beetje fans moeten krijgen. Toevallig werd ik afgelopen winter een beetje fan van de band Goldband, maar hoe verliep dat proces precies?

Een maand of drie geleden appte ik een gast van de radio die veel verstand heeft van muziek over iets anders. Of hij wilde meewerken aan een interview voor onze podcast want hij presenteert een voetbalpodcast en is een groot Ajax-supporter. Dat leek hem een prima idee, maar op de dag die ik voorstelde had hij andere plannen. ‘Dan zit ik hopelijk in Paradiso bij Goldband’.

Een paar dagen later zat ik om een uur of zeven te zappen. Ik ben een beetje klaar met de voorspelbare talkshows, maar wilde even weten hoe M het zou doen. Ze hadden een item over muziek en daar zat de zanger van Goldband te shinen. Hij vertelde iets over de Coronaperiode doorkomen en ik zag een nummer van zijn band voorbijkomen. Was dat niet die band waar die grappige jonge presentator heenging? Leuk, ik vind Nederlandstalige hiphop meestal wel aardig, luister regelmatig naar Boef en De Jeugd als ik een stukje ga fietsen of lopen.

Niet meer aan gedacht verder totdat ik op een verveeld moment aan het rondstruinen was op Instagram: foto’s van die aardige muziekgast die in Paradiso was bij Goldband. ’s Middags stapte ik op mijn fietsje om een rondje te rijden terwijl ik naar het laatste album luisterde van Goldband. Voordat ik ging douchen, keek ik bij 3 voor 12 nog even naar een leuk interview met de mannen over het ontstaan van de band. Ze werkten allemaal in een Haagse popzaal en besloten op een dag zelf muziek te maken. Goed verhaal, goede muziek, ik was fan.

Goldband (YouTube)

Het funneltje
Wat gebeurde er in het proces van mijn ontdekking van Goldband qua marketing? Dan moet ik eerst even het funneltje uitleggen aan jullie, een trechter dus. Dat is een manier waarop je wordt verleid om iets te kopen; eerst moet je iets leuk vinden, dan ga je het kopen en dan blijf je fan. Je kunt het vergelijken met het moment dat je een cafeetje inloopt. Je ziet een leuk meisje staan en denkt; wat een leuk meisje. Als je elkaar een beetje aankijkt, kan je een leuk gesprekje beginnen. Als dat een beetje klikt dan volgt er misschien een eerste date en nog eentje en later krijg je kinderen en ga je trouwen.

Als jij iets te verkopen hebt dan is het handig om daar een beetje rekening mee te houden. Als ze jou nog niet zo goed kennen, moet je uitleggen wie je bent en zo kan je steeds een beetje intensiever contact opbouwen. Je moet ervoor zorgen dat je in elke fase, van de eerste kennismaking tot de fase na het kopen, iets aanbiedt zodat mensen jou rustig leren kennen. Wat er bij Goldband gebeurde is bijzonder; die gast via de app was eigenlijk een ambassadeur, iemand die dus, om naar dat voorbeeld in de kroeg terug te keren, zei: kijk daar heb je Marieke, hele leuke meid. Als je die vriend een beetje hoog hebt zitten dan zul je daar eerder naar luisteren dan naar iemand die er geen verstand van heeft.

Wat je dus moet doen als kleine ondernemer of freelancer is ervoor zorgen dat je goede ambassadeurs hebt, mensen die jou aanbevelen bij anderen. Dat doe je door een relatie met die ambassadeurs aan te gaan; je moet ook eens wat aardigs voor hen doen. Ik probeer dat bijvoorbeeld te doen door mensen een beetje te helpen. Kortom, dikke tip: organiseer een beetje ambassadeurs die in hetzelfde vakgebied zit en die jou dus verder kunnen helpen. Voor je het weet ben jij de nieuwe Goldband en gaan mensen jou met heel veel plezier volgen.