Zorg altijd voor de vind-je-het-zelf-wél-een-sport?-vraag

Vlak voordat we de aardige dartscommentator Jacques Nieuwlaat aan de telefoon kregen, zeiden Robert en Jos plagend tegen me: ,,Leuke gast natuurlijk, maar volgende keer weer eentje uit de sportwereld. Want dat darten kan je natuurlijk geen sport noemen,’’ zei Jos. En Robert zei heel rustig: dat gaan we hem even vertellen ook natuurlijk.

Vijftien jaar geleden zou ik dat niet trekken. Heb ik helemaal een gast geregeld en dan gaan zij grapjes maken op het moment dat ik nadenk over een goede openingsvraag. Nu vond ik het wel lachen eigenlijk. Ik weet van mezelf dat ik zo’n interview serieus aanvlieg; alles lezen van hem en dan een beetje diepgang erin willen krijgen. Nu moest ik het vragenlijstje loslaten want ik ga er niet over wat Jos en Robert zeggen. Bovendien is het goed als je gewoon jezelf blijft. En ja hoor, nadat ik even gevraagd had hoe het met hem ging, zei Robert: vind je het eigenlijk zelf wel een sport?

Een groot gevaar van met een podcast beginnen, is saaiheid. Daar moet je altijd voor opletten. In veel gevallen starten ondernemers – terecht – een podcast om klanten binnen te harken en dan maken ze de denkfout om aardig te zijn voor hun gasten. Ik kent marketingpodcasts waar hele leuke gasten zitten met topverhalen, maar ze komen er niet uit omdat de podcastmaker te lief is voor de gast. Ze vragen naar de bekende weg, hakken niet door bij pijnlijke thema’s en kunnen na afloop de gast vrolijk een hand schudden. Ik ken ook podcasts en YouTube-kanalen die gefinancierd zijn door de geïnterviewden en ook die zijn niet te harden want de interviewer is veel te druk met voorzetten geven in plaats van met afmaken.

Als je iets doet, kun je het beter goed doen. Dus als jij een podcast gaat beginnen met gasten dan is het goed om een paar kleine regels van het interviewvak te hanteren. Want ja, Robert zal het niet met mij eens zijn, maar interviewen is een vak:

  1. Verdiep je in de gast. Denk nooit: het zal wel goed komen, maar lees alle interviews en Wikipedia-pagina’s die je maar kan vinden;
  2. Als je niet Theo van Gogh bent of Ischa Meyer qua skills moet je vooraf zoeken naar een paar interessante haakjes;
  3. Ga niet vooraf nadenken over de gepastheid van de vragen, jij wilt dingen weten dus houd daaraan vast;
  4. Voer een gesprek. Ga niet als een wilde vragen afvuren op de gast, maar ga een gesprek aan zoals je dat met de buurman doet;
  5. Pak altijd de regie. Jij bent de baas van het gesprek en de gast weet dat ook;
  6. Spreek een rol af met de andere mensen van de show. Als jij de rustige verteller ben dan is het leuk als iemand anders de Jan Mulder is met een paar messcherpe vragen.

Robert is misschien niet altijd de grootste fan van journalisten, maar hij snapt mediawetten wel goed. Hij weet dat ‘kabbelen’ altijd een slecht idee is en is bovendien trainer genoeg om te zien dat ik de neiging heb om te lang in een lekker warm bad te blijven zitten. Ik ben geen interviewgoeroe, heb die ambitie ook niet, maar vanuit de praktijk zeg ik: het is leuk om vooraf twee of drie gekke vragen te hebben. Van die vragen knapt zo’n interview echt op.

Oh ja, Jacques had die vraag vast wel vaker gehad volgens mij en schrok er niet zo van. ,,De manier waarop ik het deed, was geen sport, maar zoals Van Gerwen en Van Barneveld het doen wel.’’ Prima vraag, prima antwoord, prima gozer.

Site Footer

Sliding Sidebar